In de kerk waar ik onderdeel van ben, zijn ook doven en
slechthorenden lid. Dit is elke zondag heel zichtbaar in de dienst. De
gesproken en gezongen Nederlandse taal wordt namelijk door een tolk vertaalt
naar gebarentaal (en soms andersom). Ik ben daar altijd al blij mee. De
liederen die gezongen worden komen daardoor namelijk niet alleen via mijn oren
in mijn hart terecht maar ook via mijn ogen. Dat raakt mij elke keer weer.
In de laatste maanden van 2025 volgde ik een cursus
gebarentaal. De cursus werd gegeven door twee dove/slechthorende docenten. Ik
vond het mooi en verrijkend en maar ook
moeilijk. Bij gebarentaal moet je durven expressief te zijn en durven
improviseren. Oei dat vind ik lastig…. Ik ben verlegen in gebarentaal.
Gedurende de lessen ontdekte ik steeds meer over de rijkdom
van gebarentaal. Het is een taal met heel veel schoonheid, want hoe mooi is het
als je ‘diepe’ woorden als ‘overwinnen’, ‘vervullen’, ‘verlangen’, troosten of
‘thuis’ niet alleen kan uitspreken maar ook kan verbeelden. Je ziet de troost
voor je. Bij het woord ‘beloven’ bijvoorbeeld
beweeg je twee vingers van je mond af. Je beeldt uit dat je het zweert. Het
geeft kracht aan het woord beloven.
Thuis ging ik oefenen door mee te gebaren bij liederen.
Vooral christelijke liederen maar ook sinterklaas liederen van het
sinterklaasjournaal.
Het verrijkt mij en ook mijn geloof. Als ik de naam ‘Jezus’ mee
gebaar wijs ik naar de wonden in Jezus’ handen. Ik zie en gebaar dat Jezus weet
wat pijn is (en ik leer vertrouwen dat Hij ook mijn pijn ziet en begrijpt). En
ik zie en hoor ik in de kerk dat God mij zweert dat Hij zal doen wat Hij
belooft (en ik leer het weer een beetje meer te vertrouwen ook als ik het nog
niet zie of voel).
In één van de gebarentaal lessen leerde ik dat het niet
correct is om de tolk een doventolk te noemen. Het is namelijk niet alleen een
tolk voor de doven. De tolk is er evengoed voor de horenden. Het is de tolk die
de brug slaat tussen de horenden en de rijke taal en cultuur van de doven en
slechthorenden. Het is goed om een tolk te zien als brug. Het laat zien dat
doven en slechthorenden geen mensen zijn die iets missen maar iets te bieden
hebben.
Indirect leert dit me ook iets over mezelf. Door mijn autisme voel ik me vaak ‘anders’, ongetwijfeld net als veel dove en slechthorende mensen. Ik worstel met ‘anders’ zijn. Maar juist de wereld van de ‘doven en slechthorenden’, waarvan ik de rijkdom proef…. Die wereld moedigt me aan om ook oog te hebben voor de rijkdom van mijn eigen wereld en de wereld van zoveel ‘anderen’.
Anders
zijn is mooi. Het is geen probleem, maar een verrijking.
En die rijkdom hoop ik in 2026 ook schrijvend verder te verkennen.
Wat goed beschreven, gebaren taal is een andere , ( positieve ) ik , moeilijk maar zo fijn om mensen te helpen.
BeantwoordenVerwijderenWauw, dit raakt mij diep
BeantwoordenVerwijderen